Het diëtistisch consult
3 Diëtistische anamnese > Studietaken > Fase Diëtistisch onderzoek: aanvullend diëtistisch onderzoek

Fase Diëtistisch onderzoek: aanvullend diëtistisch onderzoek

18. Inleiding vraag

De diëtist die Emy Janssen behandelt, werkt volgens het zogenoemde ziekte-klachtmodel. Dit is een patiëntgerichte benadering waarbij de hulpvraag van de cliënt centraal staat. Hier tegenover staat de klassieke benadering.

18. Het stellen van vragen volgens een artsgerichte of patiëntgerichte benadering

 

Welke van de onderstaande vragen/uitspraken passen onder een patiëntgerichte benadering (het ziekte-klachtmodel)?

'Vertelt u eens, waarom bent u hier?'
'Kunt u goed lopen?'
'Wat denkt u er zelf van?'
'Hoe lang heeft u dit al?'
'Ik denk dat u…'
'Heeft u het meeste last bij het staan of bij het lopen?'
'Begint u maar bij het begin…'

19. Stilstaan bij het gezichtspunt van de cliënt

 

Kun je drie argumenten noemen waarom het zo belangrijk is om stil te staan bij het gezichtspunt van de cliënt?


20. Omgaan met de gevoelens van de cliënt

 

Een belangrijke vaardigheid is het omgaan met de gevoelens van de cliënt. Ook bij Emy Janssen spelen er verschillende gevoelens mee.

 

Geef aan hoe je op de diverse gevoelens van Emy Janssen wilt ingaan.


21. Inleiding vraag

Het vaststellen in welk stadium van gedragsverandering de cliënt zich bevindt, is een belangrijke procedurestap bij mensen die hun leefstijl ‘moeten’ veranderen.

 

Stadia van gedragsverandering: 

Fase waarin de cliënt zit

Motiverende taken van de helper

Precontemplatie

Zaai twijfel, vergroot het gevoel bij de cliënt over de risico’s en problemen van het huidige gedrag.

Contemplatie

Laat de balans doorslaan, vergroot de redenen van de cliënt voor het veranderen en de risico’s van niet veranderen.

Voorbereiding

Help de cliënt te bepalen wat de beste strategie is om tot verandering te komen.

Actie

Help de cliënt stappen te ondernemen om die strategie uit te voeren.

Gedragsbehoud

Help de cliënt terugval te zien aankomen en strategieën klaar te hebben als dit nodig is.

 

Terugval

Help de cliënt opnieuw door dit proces te gaan, zonder ontmoedigd te raken.

 

21a. Het vaststellen van stadium van gedragsverandering

 

Gebruik de linkerkolom van het genoemde schema en bedenk zelf passende vragen om het stadium van gedragsverandering vast te stellen bij Emy Janssen (casus uit vraag 10).


21b.

 

Doorslaggevende determinanten van motivatie bij gedragsverandering zijn:

  1. Importance: ‘Hoe belangrijk is het dieet voor u?’
  2. Readiness: ‘In hoeverre bent u er klaar voor?
  3. Confidence: ‘Hoeveel vertrouwen hebt u dat het lukt?’

Welke vragen wil je stellen om erachter te komen hoe het bij Emy Janssen staat met bovenstaande drie gedragsdeterminanten? Maak bij elke determinant gebruik van een schaal van 1-10. 


22. Stadia van gedragsverandering

 

Aan de hand van de houding en uitspraken van de cliënt kan vaak vastgesteld worden in welk stadium van gedragsverandering de cliënt zich bevindt. Hieronder volgen een aantal uitspraken. Sleep de uitspraak naar de bijbehorende stadium van gedragsverandering. 

'Afgelopen week heb ik mij ingeschreven op de sportschool en al een groepsles 'Spinning' gevolgd.'

'Ik heb een verhoogd cholesterol, maar ik voel hier helemaal niks van. Waarom zou ik mijn voeding moeten aanpassen?'

'Misschien moet ik de auto verder parkeren en een stuk lopen naar mijn werk.'

'Ik weet dat ik meer moet gaan bewegen, maar ik heb het zo druk.'

'Sinds ik meer ben gaan bewegen, voel ik mij veel fitter en energieker.'

Precontemplatie
Contemplatie
Voorbereiding
Actie
Gedragsbehoud
Tip: deze website werkt wel op systemen met een smal scherm zoals een smartphone, maar je kunt hem beter gebruiken op een computer of tablet.

Hint: this website does work on a smartphone screen, but we recommend that you use a computer or tablet.