Het diëtistisch consult
7 Dieetbehandeling > Studietaken > Afsluitend consult: vervolg behandelplan uitvoeren; evalueren en afsluiten

Afsluitend consult

Vervolg behandelplan uitvoeren; evalueren en afsluiten

Vraag 15

Gedragsbehoud is de laatste fase van het Stages of Change-model en gedragsbehoud, preventie en terugval zijn de laatste fasen uit het proces van Health counseling. Uiteindelijk is gedragsbehoud natuurlijk wat je als diëtist wil bereiken.

 

Hoofdstuk 6 van ‘Theorieën en methodieken van verandering’ (Brug et al., 2012), en Gerards besteden aandacht aan het begrip attributie: een complex begrip uit de sociale psychologie. Het is belangrijk om na te gaan waaraan de cliënt het falen van de dieettherapie wijt.

Een omschrijving van de attributietheorie is:
Na het falen zoeken mensen naar oorzaken daarvan. De interpretatie die men daaraan geeft, is als volgt in te delen:

  • Behorend tot het individu zélf (intern) of behorend tot de omgeving (extern);
  • Oorzaak kan veranderen (instabiel) of oorzaak is onveranderlijk (stabiel);
  • Op de oorzaak is invloed uit te oefenen (controleerbaar) of niet (oncontroleerbaar).

15a. Attributietheorie

 

Een cliënt heeft zich niet gehouden aan de afspraak om geen snacks meer te kopen op het station en zegt het volgende 'Zie je wel, ik ben een slappeling!'

 

Hoe zou je deze oorzaak willen classificeren volgens de attributietheorie?

Een interne, stabiele, oncontroleerbare oorzaak.
Een externe, stabiele, controleerbare oorzaak.
Een interne, instabiele, controleerbare oorzaak.
Een externe, instabiele, oncontroleerbare oorzaak.

15b. Attributietheorie

 

Een cliënt met een pas ontdekte diabetes type 1 is opgenomen in het ziekenhuis. De cliënt heeft, anders dan met de diëtist was afgesproken, geen vervanging voor een warme maaltijd uitgerekend met de Eettabel. 's Nachts was zijn leesbril van het nachtkastje gevallen en gebroken.

 

Hoe zou je deze oorzaak willen classificeren volgens de attributietheorie?

Een interne, instabiele en controleerbare oorzaak.
Een externe, stabiele en controleerbare oorzaak.
Een interne, stabiele en oncontroleerbare oorzaak.
Een externe, instabiele en oncontroleerbare oorzaak.

Vraag 16

Een cliënt is bij een diëtist onder behandeling voor overgewicht. Tot nu toe verloopt de behandeling voorspoedig. De cliënt gaat verhuizen. Door de drukte van het inpakken, verhuizen en inrichten van de nieuwe woning ondervindt de cliënt dat er geen tijd is om te koken.
Hij eet bijna twee weken heel onregelmatig en haalt geregeld wat frites en kroketten bij de snackbar of laat een pizza komen. Op het eerste consult na de verhuizing blijkt hij niet te zijn afgevallen. Hij is hierover nogal teleurgesteld en wil met de behandeling stoppen.

16a. Evaluatie van de behandeling

 

Kies per stap uit de inhoudelijke analyse 'evaluatie van de behandeling tot nu toe' (stap 9) welke uitspraak/vraag van de diëtist daar het beste bij past.

'Hoe is het gegaan de afgelopen periode? Vertel eens...?'

'Dus het is u gelukt om dagelijks te ontbijten, fijn dat u die afspraak goed heeft in kunnen passen!'

'Kunt u vertellen waarom het niet gelukt is goed op uw voeding te letten?'

'En wat ging er dan minder goed de afgelopen periode?'

Open het gesprek
Geef feedback op behaalde subdoelen en afspraken
Stimuleer de cliënt om negatieve ervaringen te vertellen
Stimuleer de cliënt om hiervoor verklaringen te geven

16b. Fase van gedragsverandering

 

Het model van de fasen van gedragsverandering is een cybernetisch model. Fasen volgen elkaar niet altijd chronologisch op. Welke vragen stel je om te kijken of cliënt zich weer in de fase van overpeinzing/contemplatie bevindt?


16c. Fase van gedragsverandering

 

Welke vaardigheden kun je inzetten om cliënt weer naar de fase van besluitvorming of naar de actiefase te begeleiden?

 

Vink de juiste vaardigheden aan.

Bespreken van voor- en nadelen van het wel of niet weer starten met het dieet.
Benadrukken van positieve punten.
Nieuwe subdoelen of afspraken opstellen.
Begrip tonen voor terugval.
Leer de cliënt coping skills aan.

16d. Coping skills

 

De cliënt heeft de volgende afspraken gemaakt met de diëtist:

  • Een concrete datum vaststellen waarop de cliënt weer aan gezonde voeding gaat denken;
  • Cliënt maakt een boodschappenlijstje om inkopen te doen voor ingrediënten om zelf bijvoorbeeld 6 keer per week een verantwoorde maaltijd te bereiden;
  • Cliënt beloont zichzelf met een presentje als het de eerste week is gelukt.

Met welke coping skills zou de cliënt deze doelen kunnen realiseren?


Vraag 17

Evaluatie

 

In de literatuur van Brug (hoofdstuk 8) en in Silverman (hoofdstuk 7) worden verschillende typen evaluatie genoemd.

17a. Product- en procesevaluatie

Een diëtist kan diverse vragen stellen aan een cliënt om het proces en het product te ­evalueren.

Markeer in de onderstaande tekst in het ORANJE als om een PROCES evaluatievraag gaat, en in het GROEN als het om een PRODUCT evaluatievraag gaat.

  • 'Hoe reageert u als u op een verjaardag een gebakje wilt afslaan?'
  • 'Hoe heeft u de begeleiding ervaren?'
  • 'Kunt u 5 borrelhapjes noemen die in dit dieet passen?'
  • 'Heeft de begeleiding voldaan aan uw verwachtingen?'
  • 'Wat kiest u nu als lunch als u in het bedrijfsrestaurant luncht?'
Oranje
Groen
Wis Selectie

17b. Evaluatiegegevens

 

Welke zogenaamde ‘harde gegevens’ heeft een diëtist om het effect van de behandeling te evalueren?


17c. Evaluatiemoment

 

Evalueren heeft in de praktijk van de diëtist verschillende functies. De resultaten van de evaluatie kan de diëtist benutten voor het optimaliseren van het werk op micro-, meso- en macroniveau.

 

Noem drie voorbeelden uit de praktijk waarbij de diëtist, op basis van verbaal/non-verbaal gedrag van de cliënt, besluit tot een evaluatie.


Tip: deze website werkt wel op systemen met een smal scherm zoals een smartphone, maar je kunt hem beter gebruiken op een computer of tablet.

Hint: this website does work on a smartphone screen, but we recommend that you use a computer or tablet.