Het diëtistisch consult
7 Dieetbehandeling > Studietaken > Vervolgconsult: vervolg behandelplan uitvoeren; de behandeling

Vervolgconsult

Vervolg behandelplan uitvoeren; de behandeling

Vraag 8: Afspraken

Casus de heer Voskuil

De heer Voskuil, 52 jaar, heeft op een vrijwillige keuring op zijn werk zijn cholesterol laten testen. Deze waarde bleek verhoogd. De heer Voskuil komt bij de diëtist om te vragen of hij met voeding zijn cholesterol kan verlagen, hij wil namelijk niet aan de pillen.

 

Diëtistische diagnose:

De heer Voskuil 52 jaar, gehuwd, met hypercholesterolemie (chol 6.5.mmol/l, cholratio 3.8, LDL 4 mmol/l). Mogelijke oorzaken hiervoor: hoge inname van verzadigd vet (15 En%) gewenst 10 En%, veroorzaakt door met name het eten van 2 ons vlees per dag, vette jus en ruime hoeveelheid volvette kaas en worst. De heer heeft een licht overgewicht (BMI 25,8, middelomtrek 100 cm) door iets te hoge energie-inname en weinig beweging. De heer houdt niet van sporten en heeft een zittend beroep.

 

De heer wil voorlopig niet gaan sporten (fase gedragsverandering contemplatie) en voor de voedingsgedragsverandering bevindt meneer zich in de fase voorbereiding, omdat hij gemotiveerd is om zijn voedingspatroon aan te passen. Hij heeft voldoende inzicht in de relatie ziekte, voeding en beweging, maar onvoldoende voedingskennis. Hij heeft ondersteuning van zijn vrouw die de maaltijden bereidt en hiervoor graag advies wil.

 

Tijdens het tweede consult met de heer Voskuil vertelt hij aan de diëtist dat hij zich, bij het boodschappen doen de afgelopen weken, erop betrapte eerder impulsief keuzes te maken bij de aankopen en nadien te merken dat hij niet de beste keuzes voor zijn dieet maakte. De heer Voskuil geeft tijdens het consult aan te onderkennen dat hij hierdoor vaker dan goed voor hem is ‘verboden voedsel’ in huis haalt en geeft aan dat hij in het vervolg zijn aankopen bewuster wil doen.

8. Behandeling: wat als het nakomen van afspraken niet lukt?

 

Welke concrete afspraken kunnen meneer Voskuil helpen om dit gedrag te veranderen? Hoe help je hem deze afspraken concreet te formuleren, zodat tijdens het derde consult getoetst kan worden of hij in zijn voornemen om bewuster inkopen te doen is geslaagd?


Vraag 9: Registreren

Op diverse momenten in de inhoudelijke analyses wordt aandacht gevraagd voor het registreren.

 

Een student die stage loopt in een ziekenhuis vertelt tijdens de terugkomdag op de opleiding: ‘Als ik in het ziekenhuis een cliënt bezoek, schrijf ik eigenlijk niets meer op. Terug op kantoor vul ik pas het dossier in. We hebben het op de opleiding wel anders geleerd, maar zo doen ‘wij’ het nu eenmaal in het ziekenhuis’.

9. Registeren

 

Geef je mening over bovenstaande ­opmerking van de student en noem vier redenen waarom documentatie, dat wil zeggen het registreren en bijhouden van het cliëntendossier, belangrijk is in de diëtistenpraktijk.


Vraag 10: Samenwerking

Zowel Silverman als Gerards besteden veel aandacht aan de ‘samenwerking tussen de cliënt en de diëtist’ en het samen komen tot een actieplan.

10. De behandeling: aandacht voor dieettrouw

 

Noem minimaal zes aandachtspunten om de samenwerking tussen de diëtist en meneer Voskuil te bevorderen. 


Vraag 11

Voor het bereiken van de doelen is het van belang dat de cliënt onder woorden kan brengen op welke manier de doelen in de dagelijkse praktijk gestalte kunnen krijgen. Als diëtist maak je hiervoor met de cliënt afspraken.

11. Belemmerende factoren

 

Welke van onderstaande factoren is belemmerend voor een actieve participatie van de cliënt bij het maken van afspraken?

De cliënt heeft hoge verwachtingen van het resultaat.
De (onvoldoende) motivatie van de cliënt.
De conditie of de toestand van de cliënt.

Vraag 12

In de 'Health counseling' kom je de begrippen risicosituaties en 'coping skills' tegen.

12a. Risicosituatie en coping skills

 

Geef in eigen woorden weer wat met deze begrippen wordt bedoeld.


12b. Verband risicosituaties en coping skills

 

Wat is het verband tussen deze twee begrippen? Noem een voorbeeld uit de diëtistenpraktijk.


Vraag 13

In hoofdstuk 1.3 Changing Health Behaviour (Gandy, Manual of Dietetic Practice, 2014) worden suggesties gedaan hoe cliënten geholpen kunnen worden om hun gedragsverandering succesvol te laten verlopen. Met andere woorden: je informeert de cliënt en je oefent copingstrategieën.

13. Interne en externe triggers

Hieronder staan 6 tips voor de heer Voskuil om externe of interne triggers te veranderen, om gedragsverandering in gang te zetten of vol te kunnen houden.


Markeer de INTERNE triggers GEEL en de EXTERNE triggers PAARS.

  • Zorg steeds voor voldoende fruit in de fruitmand;
  • Word bewust van het onderscheid tussen echte fysieke honger en zogenaamde psychologische honger. Die komt vaak op als een golf in de zee maar verdwijnt ook weer;
  • Zorg ervoor dat je geen vette tussendoortjes in huis hebt;
  • Maak een lijst van alternatieven als je de neiging krijgt een vet tussendoortje te nemen, bijvoorbeeld auto schoonmaken, schilderen, of bellen met een vriend;
  • Maak een overzicht van de voor- en nadelen van wel en niet bewegen;
  • Doe geen boodschappen als je honger hebt.
Geel
Paars
Wis Selectie

Vraag 14

De heer Voskuil heeft een terugval gehad. Het lukte niet om van de vetrijke tussendoortjes af te blijven. Toch wil hij gemotiveerd blijven om de wijzigingen die je met hem besproken hebt, in de dagelijkse praktijk te blijven doorvoeren.

14. Behandeling: wat als het nakomen van afspraken niet lukt?

 

Noteer vijf manieren waarop je de heer Voskuil kan motiveren/helpen om zichzelf te blijven motiveren.


Tip: deze website werkt wel op systemen met een smal scherm zoals een smartphone, maar je kunt hem beter gebruiken op een computer of tablet.

Hint: this website does work on a smartphone screen, but we recommend that you use a computer or tablet.