Het diëtistisch consult
1 Gespreksvaardigheden > Studietaken > Nuancerende vaardigheden

Nuancerende vaardigheden

De video's en opdrachten die horen bij de opdrachten 1.4.2 'nuancerende gespreksvaardigheden' komen met toestemming van de uitgeverij van psychologischegespreksvoering.nl

Video bij oefening 8

 

8. Fout/goed oefening

 

Je ziet nu de eerste foute toepassing van de vaardigheid Nuancerende Empathie. Lees eerst de context waarbinnen je dit fragment dient te plaatsen, bekijk vervolgens het fragment en geef dan aan wat de hulpverlener fout deed naar jouw mening. Tot slot vraag je feedback op over je antwoord.

 

Gesprekscontext

Cliënte wordt begeleid door een hulpverlener vanwege burn-out. Ze is geruime tijd ver over haar grenzen gegaan in haar baan. Ze heeft gewerkt tot ze doodop was en allerlei klachten kreeg. Zij is nu een maand ziek thuis.
Sinds ze ziek is, voelt ze pas hoe beroerd ze er aan toe is (uitgeput, slecht slapen, alleen maar huilen) en ze heeft het idee dat het alleen maar slechter gaat.
De hulpverlener heeft haar duidelijk gemaakt dat dit bij het proces hoort. Rustig aan doen en zo min mogelijk afspraken maken, is haar advies. De cliënt is het daar wel mee eens. Na drie weken vindt weer een gesprek plaats.


 Video bij oefening 9

 

 

 

9. Fout/goed oefening

 

Je ziet nu de tweede foute toepassing van de vaardigheid Nuancerende Empathie. Bekijk dit fragment. Geef vervolgens aan wat de hulpverlener fout deed en vraag dan feedback op over je antwoord. De feedback bestaat uit een tekst en het videofragment waarin de hulpverlener de vaardigheid Nuancerende Empathie wel adequaat toepast.

 

Gesprekscontext

Cliënte wordt begeleid door een hulpverlener vanwege burn-out. Ze is geruime tijd ver over haar grenzen gegaan in haar baan. Ze heeft gewerkt tot ze doodop was en allerlei klachten kreeg. Zij is nu een maand ziek thuis.
Sinds ze ziek is, voelt ze pas hoe beroerd ze er aan toe is (uitgeput, slecht slapen, alleen maar huilen) en ze heeft het idee dat het alleen maar slechter gaat.
De hulpverlener heeft haar duidelijk gemaakt dat dit bij het proces hoort. Rustig aan doen en zo min mogelijk afspraken maken, is haar advies. De cliënt is het daar wel mee eens.

Na drie weken vindt weer een gesprek plaats.


Video bij oefening 10

 

10. Fout/goed oefening

 

Je ziet in het fragment hierboven de eerste foute toepassing van de vaardigheid Confrontatie. Geef aan wat de hulpverlener fout deed en vraag dan feedback op over je antwoord.

 

Gesprekscontext

Cliënt heeft enkele maanden geleden zijn baan verloren en komt bij een loopbaan-begeleider voor het vinden van een nieuwe baan. Thuiszitten bevalt erg slecht. De begeleider heeft in de afgelopen periode samen met cliënt geïnventariseerd wat hij wil en hem de vorige keer de opdracht meegegeven om vijf vacatures uit kranten te halen die hem aanspreken. Die vacatures bespreken zij nu. Het valt de hulpverlener op dat cliënt bij de vacatures steeds alleen de nadelen benadrukt en niet openstaat voor de voordelen.


Video bij oefening 11

 

 

11. Fout/goed oefening 

 

Je ziet nu de tweede foute toepassing van de vaardigheid Confrontatie. Bekijk het fragment hierboven. Geef vervolgens aan wat de hulpverlener fout deed en vraag dan feedback op over je antwoord. De feedback bestaat uit een tekst en het videofragment waarin de hulpverlener de vaardigheid Confrontatie wel adequaat toepast.

 

Gesprekscontext

Cliënt heeft enkele maanden geleden zijn baan verloren en komt bij een loopbaan-begleider bij het vinden van een nieuwe baan. Thuiszitten bevalt erg slecht. De begeleider heeft in de afgelopen periode samen met cliënt geïnventariseerd wat hij wil en hem de vorige keer de opdracht meegegeven om vijf vacatures uit kranten te halen die hem aanspreken. Die vacatures bespreken zij nu. Het valt de psycholoog op dat cliënt bij de vacatures steeds alleen de nadelen benadrukt en niet openstaat voor de voordelen.


Video bij oefening 12

 

 

 

12. Fout/goed oefening   

 

Je ziet nu de foute toepassing van de vaardigheid Positief Her-etiketteren. Bekijk dit fragment. Geef vervolgens aan wat de hulpverlener fout deed en vraag dan feedback op over je antwoord. De feedback bestaat uit een tekst en het videofragment waarin de hulpverlener de vaardigheid Positief Her-etiketteren wel adequaat toepast.

 

Gesprekscontext

Cliënte, we kennen haar nog van een eerder gesprek, wordt begeleid door een gezondheidspsycholoog vanwege burn-out. Ze is in haar werk geruime tijd over haar grenzen gegaan en heeft gewerkt tot ze doodop was en allerlei klachten kreeg. Zij is nu een maand ziek thuis maar vindt het nog erg moeilijk om zichzelf de benodigde rust te gunnen. Ze gaat nog regelmatig over haar grenzen omdat ze anderen niet wil teleurstellen.


Video bij oefening 13

 

 

 

13. Fout/goed oefening  


Je ziet nu de foute toepassing van de vaardigheid Eigen Voorbeeld. Bekijk bovenstaand fragment. Geef vervolgens aan wat de hulpverlener fout deed en vraag dan feedback op over je antwoord. De feedback bestaat uit een tekst en het videofragment waarin de hulpverlener de vaardigheid Eigen Voorbeeld wel adequaat toepast.

 

Gesprekscontext

De context van dit gespreksfragment is hetzelfde als de vorige: cliënte wordt begeleid door een gezondheidspsycholoog vanwege burn-out. Ze is in haar werk geruime tijd ver over haar grenzen gegaan en heeft gewerkt tot ze doodop was en allerlei klachten kreeg. Zij is nu een maand ziek thuis, maar vindt het nog erg moeilijk om zichzelf de benodigde rust te gunnen. Ze gaat nog regelmatig over haar grenzen omdat ze anderen niet wil teleurstellen.


Video bij oefening 14

 

 

 

14. Goed/fout oefening

 

Je ziet nu de foute toepassing van de vaardigheid Directheid. Bekijk dit fragment. Geef vervolgens aan wat de therapeut fout deed en vraag dan feedback op over je antwoord. De feedback bestaat uit een tekst en het videofragment waarin de therapeut de vaardigheid Directheid wel adequaat toepast.

 

Gesprekscontext

Cliënt, die we kennen van het vorige loopbaanadviesgesprek waarin hij met de adviseur enkele advertenties besprak, heeft onlangs gesolliciteerd. Hij was enthousiast over die baan, maar heeft net te horen gekregen dat hij is afgewezen. Hij baalt daar erg van. Ze hebben nu opnieuw een gesprek.


15.

Hoe kan je een cliënt confronteren met tegenstrijdigheden in een gesprek?


16.

Wat is de belangrijkste vaardigheid die je dient te beheersen om informatie te geven aan een cliënt?


Tip: deze website werkt wel op systemen met een smal scherm zoals een smartphone, maar je kunt hem beter gebruiken op een computer of tablet.

Hint: this website does work on a smartphone screen, but we recommend that you use a computer or tablet.